Samson (Lex) van Weren (Den Haag, 13 maart 1920 – Amsterdam, 31 juli 1996) was een zoon van Salomon van Weren (Amsterdam, 17 april 1891 – Auschwitz, 22 oktober 1943) en Rosetta Waterman (Amsterdam, 16 april 1891 – Auschwitz, 22 oktober 1943). De ouders huwden op 14 mei 1919. Vader Salomon was in 1915 eerder gehuwd met Rachel Bannet (Rotterdam, – Amsterdam, . Zij overleed enkele maanden na de geboorte van hun tweeling, Leon (Amsterdam, ) en Louis (Amsterdam, – Auschwitz, ).
Lex groeide op in Amsterdam, en de adressen die op de archiefkaart van zijn vader staan zijn de Van Woustraat 242-1 en vanaf april 1940 de Lepelstraat 33-1. Vader Salomon was vertegenwoordiger in kantoorbenodigdheden.
Lex was een autodidact. Hij kreeg wel wat lessen, maar het meeste leerde hij zichzelf. Op veertienjarige leeftijd kreeg hij een aanstelling bij het orkest van Bernard Drukker (Amsterdam, 1 januari 1910 – Velp, 13 december 1992). Toen Lex achttien was kreeg hij werk bij Heck op het Rembradtplein. Lex was trompettist en violist, had in de oorlog een aanstelling bij de Van Leer Stichting en speelde trompet bij het Joodsch Symphonie Orkest. Daarnaast was hij muziekleraar. Lex had tijdens de bezetting een aanstelling bij de Joodsche Raad bij de bagage- en ordedienst van de Expositur op de Jan van Eyckstraat. Tevens was hij betrokken bij de kindersmokkel vanuit de crèche op de Plantage Middenlaan. Hij was een van de mensen die wandelingetjes maakte met de kinderen, er verdwenen er altijd wel een paar die dan via het studentenverzet in de onderduik kwamen.
Op 29 september 1943 werd Lex in Westerbork geregistreerd en kwam in Barak 66 terecht, een van de Strafbarakken. Hij werd gedeporteerd naar Auschwitz met het transport van 16 november 1943.
In Auschwitz kreeg hij een oude versleten hoorn in zijn handen gedrukt. Hij werd bij aankomst geselecteerd voor werk en kwam in het buitenkamp Janina terecht, een kolenmijn. Daar werd hij ingezet om de kampleiding met zijn hoorn te vermaken. Teruggeplaatst in Auschwitz ging hij hetzelfde doen voor die kampleiding en Lex bleef in Auschwitz totdat het kamp ontruimd werd in verband met het naderende Rode Leger.
Lex ging naar een ander kamp, ruilde de hoorn om voor een kornet en zorgde dat hij Joodse medegevangenen in een orkestje kon krijgen – waarmee hij hen ook het leven redde. In 1945 kwam Lex in Dachau terecht, en daar speelde hij met een trio.
Na de oorlog speelde Lex in tal van orkestjes, waaronder tussen 1957 en 1966 het City Theater Orkest. Na zijn pensionering dirigeerde Van Weren bij de amateuroperettevereniging Kunst & Vriendschap en speelde hij kleine rollen en trad hij op als figurant in diverse films.
In mei 1989 schonk Lex van Weren zijn kornet aan het Herinneringscentrum Kamp Westerbork.
bron:
Salomon van Weren, Gemeentearchief Den Haag, 0354-01 Bevolkingsregister gemeente Den Haag, inventarisnummer 1924.
Salomon van Weren, Stadsarchief Amsterdam, Archiefkaarten, archiefnummer 30238, inventarisnummer 913.
Samson van Weren, kaart Joodsche Raad, Arolsen Archives, 130398345 (Samson VAN WEREN).
Samson (Lex) van Weren, Wikipedia, https://nl.wikipedia.org/wiki/Lex_van_Weren (geraadpleegd 2 maart 2025).
illustratie:
Dagboekanier «pelt Lex van Weren, dirigent van het City Orkest en Initiatiefnemer voor het nacht- feest in City voor de Witte Bedjes, de zilveren rups met het lepenblad op.. “Het Parool”. Amsterdam, 02-12-1957. Geraadpleegd op Delpher op 02-03-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ABCDDD:010840457:mpeg21:p002
gepubliceerd:
2 maart 2025
laatst bijgewerkt:
2 maart 2025